Loomancoaching
Gepubliceerd: Monday 11 January 2016 hits: 1976

Clienten vertellen me dat hun hoofd vaak zo vol zit dat ze niet meer helder kunnen denken en passief worden.
Uit het onderzoek TIJDSBESTEDING van het Sociaal en Cultureel Planbureau blijkt dat 45 procent van de Nederland zich gedurende de werkweek opgejaagd voelt en 10 procent 'bijna altijd.' Vijf jaar eerder, tijdens het één na laatste tijdsbestedingsonderzoek, lagen die percentages veel lager. Tijd om te leren NIETS TE DOEN!

En dat is het probleem met nietsdoen. De nadelen ervan zijn overduidelijk - je verspilt tijd, het staat lui naar anderen, je leeft maar zo kort, et cetera - terwijl de voordelen een stuk minder evident zijn. Dat leert ons dat je soms beter even een dutje kunt doen. Of een bad nemen. Of pak er een instrument bij, zoals Albert Einstein. Als hij zijn werkkamer uitkwam om even viool of piano te spelen, wist zijn vrouw: Albert staat weer voor een lastig probleem. Door zich aan de muziek over te geven, en zo afstand te nemen van zijn werk, keek hij er even later weer met een frisse blik naar.

Susan Sontag schreef eind jaren zestig in haar dagboek over het NUT VAN DE VERVELING.

Wie zich verveelt, zit volgens Sontag in een 'vastgeroeste modus van aandacht.' Je kijkt vanuit een bepaald frame naar een situatie en dat frame zegt dat het een saaie situatie is. Maar wat als je nu een ander aandacht frame uitprobeert? Dus wat meer luistert, in plaats van kijkt? Of niet naar betekenis zoekt, maar de situatie tot je neemt zoals die is?

Sontag daagt je dus uit “ de schuld” van de verveling bij jezelf te leggen. Het ligt niet aan de situatie, het ligt aan hoe jij deze interpreteert. Door je daar bewust van te zijn, ontdek je nieuwe vormen van aandacht. Dus in plaats van dat je een loos moment vult met Facebook, kun je ook proberen de schoonheid van dat zogenaamd loze moment in te zien.

Zoals Friedrich Nietzsche schreef: Wie zich verzet tegen verveling, verzet zich ook tegen zichzelf: diegene zal nooit de krachtigste verkwikkende teug uit zijn eigen diepste bron kunnen drinken.’

Bron: Ernst-Jan Pfauth/ De Correspondent